gedrieën zaten zij
te wachten
om de tafel
de kannibalen

ingepakt in folie
stukje bij beetje
ik in de diepvries

voor braden op de barbecue
alles ontdooit
op mijn hersenen na;
een halfbevroren
lepelende lekkernij
als toetje

ustus fortiter
dentes frendentes video

laat u mij smaken
voor het goede doel
geef ik graag alles

zon
warm
lui
zweet

gin wir veur n’en blanke
zweten als een otter

zo laat zich
vroege zomer
voor mij
determineren

u begrijpt het

als frigide misantropisch ijskonijn
hunker ik
naar kilte
ijsbloemen op een raam
drie meter sneeuw

u begrijpt het

 

aan de Njewski Prospekt:
Dom Knigi,
struinen in Jugendstil
langs alle aanbedenen
hier zijn ze allemaal
Dostojewski, Gogol, Poesjkin
Tolstoj, Tsjechow, Babel
de hele karavanserai

dan de grote bedevaart
naar het Fontuinhuis
aan de Fontanka

“van een vrouw, die kwijnt en lijdt,
van een vrouw in eenzaamheid.”*

Anna, jouw geest
waart nog immer

de Aurora was de eerste
en de laatste
weer schoot zij
door mijn ziel
die ik voor eeuwig
hier achtergelaten heb

 

* Uit: Requiem

in mij
zit jij
vastgeklonken muffigheid
cruciaal overwoekerend
mijn denken
mijn ademen
mijn zien
mijn ruiken
mijn horen
mijn handelen

afdrijven mislukt
uitdrijven tevergeefs

een kloppend hart
in verscholen boezem
behoort mij alleen toe

bergenverscholen
een afgesneden vallei
mensendrang wringt
ook hier
acht in tal
het maagschap
sibberot
tot op bot
zaad van gisteren
nu en morgen
bloedschande

alleen een looppad
naar hun krocht
nu verspert

gelukkig

geruisloos
kieteltast
in mijn hoofd
oeroud temperament toont
deelbereide erkenning
mijn beeweg
naar wijsheid voldaan
bomige kromtaal
voelverstaanbaar
geen graftak,
groene spruit
tot bloei aanwassen

 

duogedicht van Vincent Jongman & Enrico Lommerte

duistere inslag
bewolkte de vlakte
zon had zich afgekeerd
wind gevlucht
dorre korrels waterloos
flora en fauna
nagenoeg extinct

in die dagen
liep ook ik
verward kringelend
om mijzelf de anderen
allemaal richtingloos
elkaar niet aanrakend
open hersenpannen
waaruit gelepeld werd

de verstarde blikken
kruisten elkaar
aangetrokken door
een cirkel
beschreven in het gras

starend, zonder te zien
struinde ik, in vaste pas
volgend, geluiden van beneden
die verloren zielen lokken

plots werd het stil
de cirkel
zoog alle geluid
implodeerde
dwars door de korst

allen bewegingloos
de laatste mus stierf
de laatste halm verdorde
het gat werd donkerder
dieper mesmeriserender

nog weerstand

vergeten waar de wereld is
hoog en laag verdwenen
geen begin, en geen eind
zo boven, zo beneden

de aarde gaapte zielenrust
ik lonkte naar de scherpe rand
zet mijn pas, de grond verdwijnt
alleen de lucht is me bevriend

diep recht
naar daar
beneden

steeds sneller
duizeliger sneller
sneller donkerder
sneller
ik voelde mij dunner worden
doorzichtig
en sneller

tot het juiste moment
dat ik de snelheid vergat
en de bodem
mijn val
brak…

 

De site van Vincent:  VJ’s Blog

doorleefd
laatste achter
in de rij
stevenen wij
naar de grote baarmoeder terug
gedragen vruchtwater lonkt
walvissen zingen
dolfijnen begeleiden

droomwater

vul mij
leef door

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.